Wanneer mag een werknemer gebruik maken van calamiteitenverlof of zorgverlof? Wat weten we nu eigenlijk van de bestaande verlofsoorten waar je aanspraak op kunt maken? Uit de praktijk blijkt eigenlijk dat velen niet weten welke soorten verlof er zijn en waar men recht op heeft. Daarom in deze blog uitleg over het zorgverlof en calamiteitenverlof.

Calamiteitenverlof:

Calamiteitenverlof is de verlofsoort waar in de praktijk bijna niemand gebruik van maakt, maar waar een werknemer wel zeker een beroep op mag doen. Calamiteitenverlof houdt in dat een werknemer door privé-omstandigheden onmiddellijk vrij moet nemen en de situatie niet uitgesteld kan worden. Het betreft verlof voor de eerste noodopvang. Bij calamiteitenverlof wordt het loon doorbetaald en mag dus niet van je verlofuren afgeboekt worden. Meld een incident zo snel mogelijk bij de werkgever en geef ook aan dat je gebruik wilt maken van deze verlofsoort. Denk aan onderstaande situaties.

● Je moet je kind van school/crèche ophalen die opeens ziek is geworden
● Direct familielid is overleden
● Partner gaat bevallen
● Een waterleiding is plots gesprongen
● Je moet (plotseling) naar de dokter en dit kan alleen onder werktijd

Kortdurend zorgverlof:

Kortdurend zorgverlof is bestemd voor de noodzakelijke zorg van een ziek kind/partner/ouder. Sinds 1 juli 2015 geldt dit ook voor broers/zussen/grootouders/kleinkinderen/huisgenoten en bekenden. Het salaris wordt hierbij met 70% uitgekeerd over de opgenomen kortdurende zorgverlofuren en heeft een duur van 2 keer je uren die je per week werkt op contract. Werk je 36 uur per week, dan is kortdurend zorgverlof maximaal 72 uur.

Langdurend zorgverlof:

Langdurend zorgverlof is bestemd om zorg te verlenen i.v.m. levensbedreigende ziekte voor dezelfde personen als bij kortdurend zorgverlof. Dit type zorgverlof is onbetaald. Je dient dit verlof 2 weken van tevoren aan te vragen bij je werkgever. Je hebt recht op 6 keer je wekelijkse contracturen. Bij een 36-uurscontract is dat dus 216 uur.

Je kan dit als volgt opnemen:
1. Maximaal 1 keer per jaar gedurende 12 weken de helft van de gebruikelijke werktijd of;
2. In gedeelten binnen een periode van 18 weken.

Let op: in een CAO of personeelshandboek kunnen afwijkende afspraken zijn vastgelegd, waardoor geen aanspraak gemaakt kan worden op bepaalde verlofsoorten.

Tips voor werkgevers:

● Als je liever niet wilt betalen voor calamiteitenverlof, dan kan de werkgever een bepaling opnemen in het bedrijfsreglement, contract of personeelshandboek. Wel moeten de werknemers bij de werkgever bovenwettelijk verlof krijgen. Calamiteitenverlof kan en mag namelijk alleen met bovenwettelijk verlof verrekend worden, mits dit verlof nog toereikend is. De werkgever kan dan een bepaling opnemen dat indien er sprake is van calamiteitenverlof, dit in eerste instantie verrekend wordt met eventueel aanwezig bovenwettelijk verlof. Wanneer er geen bovenwettelijk verlofsaldo meer is, zal het calamiteitenverlof gewoon als calamiteitenverlof doorbetaald moeten worden en mag er niets verrekend worden met verlofdagen.
● Werkgevers mogen bij alle verlofsoorten vragen om ’bewijs’ om zodoende te kunnen beoordelen of iemand recht heeft op de verlofsoort.
● Kortdurend en langdurend zorgverlof mag niet verrekend worden met eventuele (bovenwettelijke) vakantiedagen.

Lees ook het artikel met alle ins en outs over kort en langdurend zorgverlof.

Jeej bedankt voor het zetten van de eerste stap check je mailbox ter bevestiging.